Nieuws
door TechniShow Magazine

Brexit kost technologische industrie tot 1,6 procent productie

29 juli 2016

Uiteindelijk kan de Brexit de technologische industrie tot 1,6 procent productieverlies leiden. Dat blijkt uit cijfers van het CBS. Voor de hele Nederlandse handel kan het verlies oplopen tot 10 miljard euro in 2030.

 

Als het VK uit de EU treedt, volgt een onzekere periode die direct economische schade tot gevolg heeft. Maar de grotere verliezen ontstaan op de lange termijn, omdat de economieën van het VK en de EU zich moeten aanpassen aan de veranderende handelssituatie. De handelskosten stijgen allereerst door invoertarieven. Daarnaast ontstaan ook allerlei handelsbelemmeringen door de verschillen in technische specificaties of milieueisen waaraan verhandelde producten moeten voldoen voordat ze binnen de EU of het VK verkocht mogen worden.

 

Vrijhandelsverdrag

Voor Nederland verschillen de kosten van een Brexit per sector. De sectoren ‘transportvoertuigen’ en ‘overig transport’ zullen weinig verlies lijden omdat hierin weinig handel plaatsvindt met het VK. Maar dit geldt niet voor de sectoren ‘chemie, kunststof en rubber, ’elektronische apparatuur’, ‘motorvoertuigen en onderdelen’, ‘voedsel verwerkende industrie’ en ‘metalen en mineralen’ - samen 12 procent van het bruto binnenlands product. Deze sectoren zullen een productieverlies van 5 procent lijden.

Als de EU een nieuw vrijhandelsverdrag met het VK weet te sluiten, dan kan dit de handelsverliezen substantieel verlagen. Voor Nederland zal de totale economische schade dan ongeveer 20 procent lager uitvallen. Zo’n verdrag omzeilt handelstarieven, stelt standaarden en regulering vast waaraan het VK en de EU zich moeten houden, maar herstelt niet de volledige toegang tot de interne markt.

 

Gevolgen

FME-voorzitter Ineke Dezentjé Hamming- Bluemink: “Dankzij vrije handel en standaardisatie van producten kunnen de Nederlandse technologische bedrijven zonder veel barrières zakendoen in Europa. Juist daarom ben ik bezorgd over de Brexit. Van onze leden heb ik ook al veel bezorgde signalen ontvangen. Het besluit van de Britten dreigt een lange periode van onzekerheid te brengen en kan de export negatief beïnvloeden. De technologische industrie is kwetsbaar omdat het Verenigd Koninkrijk de derde handelspartner is. Het CPB heeft becijferd dat het productieverlies voor onze sector kan oplopen tot 1,6%. Door het afsluiten van een goed handelsakkoord kan dit met 40% gedempt worden. Gedurende de onderhandelingen met de Britten zullen wij, als ondernemersvereniging voor technologische industrie, politici en bestuurders blijven wijzen op de belangen van vrije handel en standaardisatie. Minister Ploumen heeft inmiddels toegezegd om met FME in gesprek te gaan over de gevolgen van de Brexit voor de maakindustrie en de te nemen stappen.”