Nieuws
door TechniShow Magazine

Cecimo: orderdaling van 29 procent, herstel pas in vanaf 2021

9 juni 2020

Het aantal orders bij Cecimo-leden is in het eerste kwartaal van 2020 ten opzichte van vorig jaar gedaald met 29 procent. De Europese maakindustriebedrijven die lid zijn van Cecimo geven ook aan dat slechts de helft van hun productiecapaciteit wordt ingezet. Herstel zal dit jaar zwak blijven en de verwachting is dat het pas volgend jaar beter gaat. Dat blijkt uit cijfers van Cecimo, gedeeld tijdens de Algemene Vergadering van de overkoepelende Europese vereniging van brancheverenigingen.

 

Tijdens de Algemene Vergadering, die uitzonderlijk online wordt gehouden, besprak Cecimo de verschillende acties die zijn ondernomen om de COVID-19-crisis te bestrijden. De industrie zal naar verwachting in 2020 een flinke vertraging doormaken, maar zal zich in 2021 gedeeltelijk herstellen. In 2019 daalde de totale Cecimo-output met -4,1% in vergelijking met 2018-niveaus. Bovendien laten de voorlopige resultaten voor de orders van in het eerste kwartaal van 2020 zien dat de vraag naar werktuigmachines nog steeds afneemt.

 

In vergelijking met de gegevens over het eerste kwartaal van 2019 zijn de binnenlandse bestellingen van Cecimo gedaald met 34%, buitenlandse bestellingen met 30% en het totale aantal bestellingen met -29%.

De nieuwe prognose van Oxford Economics (voorjaar 2020) bevat het coronavirusuitbraakscenario. Uit de nieuwe prognose blijkt dat de wereldwijde productie naar verwachting in het tweede kwartaal zwak zal blijven voordat er in het einde van 2020 een snel herstel zal plaatsvinden, aangezien de verspreiding van het virus vertraagt en de lockdown-maatregelen worden versoepeld. Wat betreft de Europese machinegereedschappenindustrie wordt verwacht dat het verbruik van machinegereedschappen in 2020 met 25,8% zal afnemen. Deze inkrimping van de vraag naar werktuigmachines valt samen met de diepe productie- en supply chain-spanningen die de huidige pandemie heeft veroorzaakt bij het kopen van machines. Vooral relevant is het geval in de auto-industrie. De vraag naar auto's is sterk afgenomen in Europa, Noord-Amerika, China en elders, wat de vraag naar kapitaalgoederen, namelijk werktuigmachines, heeft belemmerd. Zo zullen de investeringen van Europese autobedrijven in machines in 2020 naar verwachting met 10,7% dalen, aldus Oxford Economics. Bovendien ondergaat de automobielsector een grondige transformatie als gevolg van de implementatie van een algemeen onduidelijk beleid voor duurzame auto's, dat al een grote impact heeft op de algemene vraag naar auto's.

 

Herstel

De Europese machinegereedschappenindustrie zal zich echter naar verwachting gedeeltelijk herstellen vanaf 2021. Nu de regels versoepelen, worden de productieactiviteiten opnieuw opgestart. Consumptieschattingen laten een opleving zien van de Europese machinebouw, met een jaarlijkse groei van 19,6%. Er wordt ook verwacht dat de consumentensectoren zich op korte termijn gedeeltelijk zullen herstellen, wat een deel van de ontberingen die Europese fabrikanten hebben meegemaakt, zou kunnen verlichten.

Het verbruik van werktuigmachines zal mogelijk stabiliseren tegen 2022, terwijl het een groeipercentage van 5% in 2022 behoudt. Er wordt echter ook verwacht dat inkomende bestellingen tijdens de huidige herstelperiode vrij zwak zullen zijn. De situatie blijft dus volatiel.

Onzekerheden op lange termijn mogen de Europese fabrikanten echter niet afleiden van het feit dat de COVID-19-crisis ook een kans zou kunnen zijn. Zoals Marcus Burton, voorzitter van het Economisch Comité van Cecimo, verklaarde: “Beleidsmakers, zowel nationaal als Europees, erkennen het belang van een goed gestructureerde productiesector en een gediversifieerde industriële toeleveringsketen. Overheden richten zich nu op het voorstellen van stimuleringspakketten en andere noodmaatregelen om productiebedrijven, zoals machinebouwbedrijven, te beschermen.” Bovendien, zoals het werk van Cecimo bewijst, zijn wetgevers nu meer toegewijd om naar onze industrie te luisteren over kwesties als Industrie 4.0, duurzaamheid of de digitale transformatie van de productie of het vergemakkelijken van de export van machines naar belangrijke buitenlandse markten, zoals China.